VEB.net maakt gebruik van cookies om het gebruiksgemak van de website te verbeteren. 

Wie wil meedelen in economische groei, kan volgens BlackRock-topman Larry Fink niet om beleggen heen. Nieuwe technologie creëert veel waarde, waar beleggers in sterke mate van profiteren. Maar hoe werkt dat in de praktijk, en welke risico’s horen daarbij?

De vruchten van de technologische ontwikkelingen worden steeds vaker geplukt door beleggers. Zij stellen hun kapitaal beschikbaar aan bedrijven. Als die groeien, groeit hun vermogen mee. Aldus Larry Fink, in zijn jaarlijkse brief aan beleggers. Hij spreekt met een duidelijk belang. Als ceo van BlackRock, de grootste vermogensbeheerder ter wereld, heeft Fink er baat bij dat zoveel mogelijk mensen beleggen.

Los daarvan is zijn redenering interessant. Om de kracht van langetermijnbeleggen te illustreren, wijst Fink op de S&P 500, de belangrijkste Amerikaanse aandelenindex. Die is in de afgelopen twintig jaar ongeveer verachtvoudigd (met herbelegd dividend, red.).

Die stijging verliep niet in een rechte lijn. Een belegger die de beste tien dagen miste, had minder dan de helft van dat rendement. Over zulke berekeningen valt altijd te twisten, maar de trend is duidelijk: beleggers profiteren al decennia van stijgende beurzen. Belegd blijven was veel belangrijker dan timing.

Beleggers doen mee
Een groot deel van de winst is terechtgekomen bij mensen met vermogen, vooral aandeelhouders. Met werken of sparen was die vermogenssprong voor de meeste huishoudens nauwelijks bij te houden. Aan de hand van één getal maakt Fink zijn punt tastbaar: sinds 1989 groeide een dollar in de Amerikaanse aandelenmarkt meer dan vijftien keer zo hard als een dollar gekoppeld aan mediane lonen.

Tegelijkertijd stelt de kapitaalmarkt bedrijven en landen in staat te investeren, wat banen, belastinginkomsten en economische groei oplevert.

Fink zet beleggen neer als een oplossing. Huishoudens kunnen zo op lange termijn meeliften met de economie. De praktijk is weerbarstiger. Wie meer inkomen en vermogen heeft, kan eerder beginnen, meer risico nemen en dalingen beter uitzitten.

Beleggers hebben dus een grotere kans mee te groeien met de economie. Voor wie de mogelijkheid en het geld heeft, kan beleggen een verstandige keuze zijn.

Winsten belanden bij een kleine groep
De grote versneller in Finks verhaal is kunstmatige intelligentie. Het gebruik van AI kan maatschappelijke verschillen vergroten en ontwrichtende effecten hebben.

Automatisering heeft op de lange termijn de productiviteit verhoogd en gezorgd voor nieuwe soorten werk. De vraag naar arbeid is niet afgenomen, ook al zijn bepaalde banen verdwenen. 

Maar dergelijke verschuivingen gaan niet zonder slag of stoot. Waar sommige bedrijven en beroepsgroepen als winnaar uit de strijd komen, krijgen andere sectoren juist de klap.

Juist door AI kan deze trend verder versnellen. Bedrijven met de juiste data, infrastructuur en toegang tot kapitaal hebben de beste uitgangspositie om de vruchten ervan te plukken. Dat is niet nieuw. Marktleiderschap is in het verleden mee veranderd met technologische ontwikkelingen.

De vraag is wie van de nieuwe technologie profiteert. Voor mensen die buiten de boot vallen, kan welvaart juist verder uit beeld raken.

Zorg voor brede blootstelling aan de kapitaalmarkt
De oplossing van Fink: meer mensen moeten gaan beleggen. Uiteraard ziet hij ook dat dit niet voor iedereen is weggelegd. Wie net aan rondkomt, heeft geen mogelijkheid om iedere maand geld opzij te zetten.

De brief zegt niet welke bedrijven de winnaars van morgen worden. Fink verwacht dat de inzet van AI gunstig zal uitpakken voor bedrijven en hun aandeelhouders, maar zijn verhaal stuurt niet naar een specifieke sector. De praktische boodschap is juist dat langdurige marktblootstelling en goede spreiding belangrijk blijven. Fink spreekt van “a broad mix of companies for the long term”.

De keerzijde van het optimisme
Fink noemt zichzelf een optimist over de lange termijn. Dat optimisme verdient wel nuance. Op de korte termijn is succes allerminst gegarandeerd. Zo waarschuwt Jeremy Grantham, medeoprichter van vermogensbeheerder GMO en bekend om zijn kritische blik op bubbels, voor overdreven euforie rond AI.

Grantham noemt kunstmatige intelligentie misschien wel de meest indrukwekkende innovatie van de afgelopen honderd jaar. Maar dat gaat vaak gepaard met speculatie, overinvesteringen en uiteindelijk forse correcties. Samen met financieel historicus Edward Chancellor schreef hij een analyse die de huidige situatie vergelijkt met eerdere innovatiezeepbellen.

Het zijn verschillende kanten van hetzelfde verhaal: structurele groei versus waardering en timing. Fink benadrukt het risico van niet in de markt zitten, terwijl Grantham juist de nadruk legt op de risico’s van het huidige enthousiasme.

Geen neutrale boodschap, wel waardevol
Finks brief blijft bovendien marketingmateriaal: uiteindelijk komt hij uit bij het vermogensbeheer van BlackRock. De boodschap is daarmee niet neutraal, maar wel relevant. Ook de VEB is voorstander van een bredere deelname op de financiële markt. Als Nederlanders niet beleggen door een gebrek aan kennis, valt daar nog veel te winnen.

Hoe beleg je mee met economische groei?
Voor beleggers zit de les niet in het najagen van hypes, maar in brede en goedkope toegang tot de markt. Wie de redenering van Larry Fink volgt, hoeft niet te gokken op de winnaars van morgen.

In de praktijk betekent dat:

  • beleggen in een brede mix van bedrijven, bijvoorbeeld via een wereldindex
  • spreiding over sectoren en regio’s
  • lage kosten, zodat rendement niet weglekt
  • een lange horizon, waarbij tussentijdse schommelingen worden geaccepteerd


Etf’s zijn voor veel particuliere beleggers een logisch startpunt.